Rechter verleent vervangende toestemming na weigering instemming OR

In deze zaak had de werkgever de ondernemingsraad om instemming gevraagd voor de invoering van een meeroostersysteem, maar die instemming werd geweigerd. De kantonrechter verleende vervolgens vervangende toestemming. Doorslaggevend waren het brede draagvlak onder medewerkers en de onderbouwing van de werkgever.

Afweging tussen capaciteit en draagvlak

Binnen een team van wegverkeersleiders wilde de werkgever overstappen van normroosteren naar meeroosteren. Daarbij krijgen medewerkers meer invloed op hun eigen rooster, wat kan bijdragen aan een betere werk-privébalans.

De ondernemingsraad weigerde instemming, vooral vanwege zorgen over onderbezetting in bepaalde maanden. Volgens de OR zou dit kunnen leiden tot hogere werkdruk en meer druk om extra diensten te draaien.

De kantonrechter erkende deze zorgen, maar stelde vast dat de werkgever deze risico’s voldoende had weerlegd. Zo werd onder meer aangevoerd dat:

  • onderbezetting in deze maanden in de praktijk beter op te vangen is;
  • overwerk binnen wettelijke kaders blijft en vrijwillig wordt ingezet;
  • externe inhuur mogelijk is.

Daarnaast woog zwaar dat 88% van het team voorstander was van de verandering. Daarmee werd het belang van de werkgever en de medewerkers groter geacht dan de bezwaren van de OR.

Vervangende toestemming bij onredelijke weigering

Op grond van artikel 27 lid 4 WOR kan een werkgever vervangende toestemming vragen als de OR instemming weigert. De rechter toetst dan of die weigering redelijk is.

In deze zaak oordeelde de kantonrechter dat de weigering van de OR onredelijk was. De OR had zijn zorgen onvoldoende onderbouwd, zeker tegenover de concrete maatregelen en het brede draagvlak binnen het team.

Daarmee kreeg de werkgever alsnog toestemming om het meeroostersysteem in te voeren.

Betekenis voor de OR

Deze uitspraak laat zien dat draagvlak onder medewerkers een zwaarwegende factor kan zijn. Tegelijkertijd blijft het de taak van de OR om kritisch te kijken naar risico’s, zoals werkdruk en inzetbaarheid.

Belangrijk is dat de OR zijn bezwaren concreet en goed onderbouwt. Algemene zorgen zijn vaak onvoldoende als de werkgever met specifieke maatregelen en cijfers komt.

Ook blijkt dat vooraf gemaakte afspraken, zoals criteria voor invoering, in de praktijk goed moeten worden toegepast en onderbouwd.


  • Meer lezen over deze uitspraak? Lees hier de volledige beslissing.
  • Sparren over roosters, werkdruk en instemmingsrecht? Neem contact op.
  • Juridische vragen over vervangende toestemming of WOR-procedures? Neem contact op.