Reorganisatiebesluit zonder OR-advies af te wachten

Het nationale centrum voor onderzoekssoftware voor de wetenschap in Nederland besluit tot het wijzigen van de structuur van de onderneming. Gevolg daarvan is een aanzienlijke reductie in het personeelsbestand. Aan de OR wordt advies voor dit besluit gevraagd, maar het besluit staat al vast voordat de OR zijn advies geeft. De OR stapt daarom naar de Ondernemingskamer in Amsterdam.

Wat er aan vooraf ging

De Stichting Netherlands eScience Center heeft op 17-2-2025 een reorganisatiebesluit van haar onderneming genomen. Dat betekent het wijzigen van de structuur van de onderneming én een flinke personeelsreductie. Financieel gaat het niet goed met de onderneming en er zijn liquiditeitsproblemen.

Het adviestraject verloopt als volgt:

  1. Op 3-10-2024 wordt de OR door de bestuurder geïnformeerd over de slechte financiële positie. Er moet een plan worden opgesteld om die positie te verbeteren;
  2. Op 10-10-2024 geeft de OR een positief advies over de benoeming van een extern adviseur voor begeleiding en ontwikkeling van het plan.
  3. Op 28-11-2024 vraagt de OR om het conceptreorganisatieplan. De raad wil de achterbanbijeenkomst met het personeel op 10-12-2024 voorbereiden. Ook het laatste interim-rapport opgevraagd. De OR laat weten dat de informatie noodzakelijk is in het kader van de behandeling van de adviesaanvraag. De bestuurder mailt op 3-12-2024 dat hij de concepten niet wil delen voordat advies wordt gevraagd.
  4. Op 5-11-2024 is er een informeel overleg tussen OR en de transitiemanager en de bestuurder.
  5. Op 5-12-2024 is er een informele overlegvergadering tussen OR en bestuurder met de bespreking van twee scenario’s: een afbouw- en een reorganisatiescenario. De OR wil dat de vertrouwelijkheid wordt opgeheven, zodat de achterban geraadpleegd kan worden.
  6. Op 9-12-2024 heeft het bestuur van de stichting – na raadplegen van de financiers – de voorlopige keuze van het directieteam goedgekeurd om het reorganisatiescenario uit te voeren.
  7. Op 10-12-2024 is het personeel door de directie ingelicht over de keuze van de financiers voor de voortzetting van de onderneming door middel van een reorganisatie en personele krimp.
  8. Op 12-12-2024 ontvangt de OR een adviesaanvraag voor een wijziging van de structuur van de organisatie met gevolgen voor 31 fte van de onderneming. Voor 38 medewerkers betekent dit ontslag. De OR wordt vertrouwelijkheid opgelegd over een deel van de bijlagen die bij de adviesaanvraag worden toegevoegd. Die vertrouwelijkheid mag alleen worden opgeheven als de bestuurder daar toestemming voor geeft. De adviesaanvraag heeft alleen betrekking op de uitvoering van het besluit van de wijzigingen die het gevolg zijn van de beoogde inkrimping van het personeelsbestand en de invoering van de beoogde nieuwe structuur. Er wordt op spoedige advisering aangedrongen. Op 1-5-2025 moet de nieuwe organisatie van start gaan. Er wordt geen advies gevraagd voor de achtergrond, de strategie, de financiële scenario’s en de bedrijfseconomische analyse van de huidige organisatie,
  9. De OR schrijft op 18-12-2024 een brief aan de bestuurder. De raad is het niet eens met de beperking van het adviesrecht. Daarnaast wil de OR dat de vertrouwelijkheid wordt opgeheven en noemt 17 collega’s met naam waarvoor dat zou moeten gebeuren. Daarnaast wordt aanvullende informatie gevraagd: een concept-sociaal plan, een formatieplan, een implementatieplan, een communicatieplan en de notulen van “alle vergaderingen” (waarbij met name werden genoemd die van het directieteam en van het bestuur en het directieteam gezamenlijk).
  10. Op 19-12-2024 wordt de adviesaanvraag ingediend en in de overlegvergadering besproken en toegelicht.
  11. Op 23-12-2024 krijgt de OR de mededeling dat alle verzoeken om informatie worden afgewezen, behalve het verzoek om de business controller over de financiële aspecten van de reorganisatie te mogen consulteren.
  12. De OR heeft via de advocaat van de OR aan de advocaat van de bestuurder op 24-12-2024 laten weten dat er sprake is van een ‘ernstige veronachtzaming van het adviesrecht’. Hij adviseert haar om dit met de bestuurder te bespreken en is bereid dit in de eerste week van januari 2025 in klein comité te bespreken.
  13. Op 9-1-2025 is de adviesaanvraag in een formele overlegvergadering besproken.
  14. De dag erna is het overleg in klein comité (zie punt 12) in aanwezigheid van de beide advocaten gehouden. De raadvrouw van de bestuurder laat in een e-mail het volgende weten: De OR mag over het volledige reorganisatieplan adviseren, de OR mag de businesscontroller en vier andere werknemers raadplegen. Maar dat mag pas als de bestuurder op 20-1-2025 terug is van vakantie en er geheimhoudingsverklaringen zijn getekend. De OR krijgt alsnog het bezettingsplan, formatieplan, informatie over afspiegeling en informatie over uitwisselbaarheid van functies. Ook mogen de OR-voorzitter en vicevoorzitter als toehoorders aanwezig zijn bij het overleg met vakbond FNV over het sociaal plan.
  15. Het besluit is uiteindelijk toch genomen zonder het advies van de ondernemingsraad af te wachten. De OR stelt dat er op 17-2-2025 een definitief besluit genomen is door de bestuurder. De OR heeft geen redelijke termijn gehad om te adviseren, was essentiële informatie pas laat beschikbaar en was er een beperkte mogelijkheid om de achterban te raadplegen.
  16. De bestuurder voert aan de OR niet ontvankelijk is, omdat er geen voorzieningen zijn gevraagd. Er is voldoende informatie verstrekt en ook was er sprake van een redelijke termijn.

Oordeel Ondernemingskamer

Volgens de Ondernemingskamer (OK) heeft de OR het recht (artikel 26 van de WOR) om te laten toetsen of de bestuurder in redelijkheid de afweging van de betrokken belangen heeft gewogen en een besluit heeft genomen. Het maakt daarbij niet uit of er sprake is van procedurele of inhoudelijke bezwaren van de OR.
De OK stelt vast dat er wel advies is gevraagd, maar het besluit genomen is zonder het advies van de OR af te wachten.

Daarnaast is er sprake van de volgende problemen in de adviesprocedure:

  • Onterecht beperken van het adviesrecht;
  • (Aanvankelijk) aanleveren van onvoldoende informatie;
  • Onvoldoende mogelijkheden om achterban te raadplegen;
  • Er is de OR te weinig tijd geboden om tot afgewogen advies te komen toen er nog cruciale vragen bestonden;

Tot ongeveer een week voor de door de bestuurder beoogde deadline is het adviestraject gebrekkig verlopen. De bestuurder is verantwoordelijk voor het medezeggenschapstraject en had moeten begrijpen dat de OR op 13-2-2025 nog geen advies heeft kunnen geven. De OR moet een redelijke termijn krijgen om tot advies te komen en die termijn was – aldus de OK – op 17-2-2025 nog niet verstreken. Het besluit is daarom in strijd met artikel 25 van de WOR genomen.

Commentaar

Op een flink aantal onderdelen van de adviesprocedure gaat het in dit geval mis. Te weinig informatie, en te weinig tijd om als OR tot een advies te komen. Ook door de beperkingen in het raadplegen van de achterban, zodat de OR zijn vertegenwoordigende taak kan uitvoeren is het adviestraject niet goed verlopen. De OR heeft alleen laten toetsen of de adviesprocedure juist is verlopen, maar heeft geen voorzieningen gevraagd, zoals het ongedaan maken van het besluit en het terugdraaien van de gevolgen. In dit geval is er vooral procedureel door de OK getoetst.


  • Zelf de uitspraak van de OK lezen? Klik hier
  • Juridische ondersteuning nodig bij een adviesaanvraag? Stuur een e-mail
  • Als OR aan de slag met een actuele adviesaanvraag? Stuur een e-mail