Triloogonderhandelingen EOR succesvol afgerond

Na een lange avondsessie werd in de vroege ochtend van 21 mei 2025 een definitief akkoord bereikt over de nieuwe EOR-Richtlijn voor de Europese medezeggenschap. Deze triloogonderhandelingen met vertegenwoordigers van het Europees Parlement, de Raad van Ministers en de Europese Commissie begonnen op 6 februari 2025 met zeer uiteenlopende standpunten. Het voorlopige akkoord over de tekst van de nieuwe EOR-richtlijn is een succes voor het Europees Parlement en de vakbonden. Volgens de deelnemers aan de onderhandelingen zijn 80 procent van de eisen gerealiseerd.

De Europese Commissie had het wetsontwerp voor de herziening van de EOR-richtlijn al in januari 2024 gepresenteerd. Alle belangrijke punten uit het wetsontwerp werden in de definitieve versie verwerkt, sommige met kleine redactionele wijzigingen.

De belangrijkste nieuwe bepalingen zijn:

  • In de toekomst zullen er twee plenaire vergaderingen per jaar plaatsvinden, die fysiek moeten plaatsvinden. De vergadering kan alleen in hybride vorm of via videoconferentie plaatsvinden als de EOR daar uitdrukkelijk mee instemt (vetorecht);
  • Er is nog steeds geen deadline voor consultatieprocedures, in tegenstelling tot de nationale ondernemingsraad in Frankrijk;
  • EOR-deskundigen kunnen in de toekomst alle vergaderingen met het management bijwonen en mogen niet langer worden uitgesloten. Dit geldt met name voor Amerikaanse bedrijven;
  • In de toekomst moeten de kosten van juridische procedures altijd door de onderneming worden gedragen, wat een integraal onderdeel is van elk ondernemingsraadsysteem. Dit was echter voorheen in sommige landen onduidelijk. Daarnaast moeten alle EU-landen aan de Europese Commissie rapporteren over de rechtsmiddelen die beschikbaar zijn onder het nationale EOR-recht. Dit moet problemen zoals die zich in de toekomst in Ierland voordoen, voorkomen;
  • In de toekomst komen alle redelijke kosten voor deskundigen, inclusief juridische deskundigen, voor rekening van het hoofdbestuur. De beperking tot slechts één deskundige is niet langer van toepassing;
  • Alle “vrijwillige” EOR-overeenkomsten die voor het eerst vóór september 1996 zijn gesloten, moeten in overeenstemming worden gebracht met de nieuwe EOR-richtlijn. De onderhandelingsperiode hiervoor bedraagt ​​twee jaar. Als deze onderhandelingen mislukken, wordt de EOR niet langer ontbonden, maar gelden de subsidiaire vereisten (EOR “bij wet”) direct;
  • Voortaan gelden objectieve criteria en een deadline voor het einde van de vertrouwelijkheid voor alle informatie die als “vertrouwelijk” is aangemerkt;
  • Als het genderquotum van 40% van de zetels in de EOR niet wordt nageleefd, moet dit aan het personeel worden gemotiveerd.

Negatieve aspecten

Het Europees Parlement en de vakbonden konden er niet voor zorgen dat maatregelen zoals massaontslagen tijdelijk door de rechtbanken konden worden stopgezet in geval van schending van de EOR-wetgeving. Bovendien zijn de boetes niet afgestemd op de Algemene Verordening Gegevensbescherming. In plaats daarvan bepaalt elk EU-land zelf de hoogte van de boetes, wat kan leiden tot een neerwaartse spiraal van onderbieden en juridische geschillen. Een ander negatief aspect is de lange overgangsperiode van drie jaar voordat de nieuwe regels volledig van kracht worden.

Volgende stappen

De uitkomst van de trialoogonderhandelingen moet nog formeel worden vastgesteld. De Commissie Werkgelegenheid en Sociale Zaken van het Europees Parlement zal er op 5 juni 2025 over stemmen en de plenaire stemming zal naar verwachting plaatsvinden op 19 juni 2025. De Raad van Ministers heeft de nieuwe EOR-richtlijn op de agenda gezet voor de vergadering van 19/20 juni 2025. Unanimiteit is niet vereist, dus niet alle EU-landen hoeven ermee in te stemmen. Als dit tijdschema wordt aangehouden, kan de nieuwe EOR-richtlijn in juli of augustus 2025 in werking treden.

De precieze wettekst is nog niet beschikbaar, maar zal naar verwachting binnenkort officieel worden gepubliceerd.