Op 1-1-2020 is de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) in werking getreden. De WAB maakt het mogelijk om verschillende ontslaggronden met elkaar te combineren; de zogenaamde cumulatiegrond of i-grond. Een kantonrechter heeft voor het eerste een uitspraak gedaan over deze i-grond.

Voldragen ontslaggrond nodig

In het ontslagrecht is een voldragen ontslaggrond nodig om een medewerker te kunnen ontslaan. Traditioneel krijgen de ontslaggronden een letter:

A: Verval arbeidsplaatsen – bedrijfseconomisch;
B: Langdurig arbeidsongeschikt (>na 24 maanden ziekte);
C: Frequent verzuim met onaanvaardbare gevolgen;
D: Disfunctioneren;
E: Verwijtbaar handelen of nalaten werknemer;
F: Weigeren werk wegens gewetensbezwaar en aanpassing niet mogelijk;
G: Verstoorde arbeidsrelatie;
H: Andere omstandigheden dan A tot en met G, die zodanig zijn dat voortzetting niet kan worden gevergd.
I: een combinatie van ontslagronden C t/m H, zodanig dat niet in redelijkheid van de werkgever kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren.

Met de WAB is het mogelijk om meerdere ontslaggronden bij elkaar op te tellen of te combineren om op die manier tot een voldragen ontslaggrond te komen. Als de i-grond wordt goedgekeurd moet de werkgever wel een hogere transitievergoeding aan de werknemer betalen; 1,5 x de gebruikelijke vergoeding. Voor het toepassen van de i-grond mogen alleen omstandigheden uit de c- tot en met h-grond (gelegen in de persoon van de werknemer of in de arbeidsrelatie) met elkaar gecombineerd worden.

Werkgever ziet meerdere gronden voor ontslag

De werkgever zag meerdere redenen om zijn werknemer te ontslaan. Zo zou er sprake zijn van verwijtbaar handelen (ontslaggrond e), van disfunctioneren (ontslaggrond d), of van een verstoorde arbeidsverhouding (ontslaggrond g) of een combinatie van deze gronden (ontslaggrond i).
De werkgever verdacht zijn werknemer van sabotage van producten die het bedrijf maakt en had al twee officiële waarschuwingen aan de werknemer gegeven.

De kantonrechter denkt anders

In zijn oordeel laat de kantonrechter niet veel heel van de aangedragen ontslagronden van de werkgever. De rechter vindt die onvoldoende onderbouwd door de werkgever. Er is geen dossier, er zijn geen functioneringsgesprekken geweest, geen wederhoor toegepast en geen onafhankelijk onderzoek naar de sabotage. Ook was de i-grond niet onderbouwd door de werkgever, zodat de kantonrechter de werkgever in het ongelijk heeft gesteld. Geen van de genoemde ontslaggronden was volgens de rechter voldragen of bijna voldragen was.
De werkgever wordt in het ongelijk gesteld en moet de werknemer in dienst houden.


  • Zelf de uitspraak lezen? Klik hier
  • Als OR aan de slag met de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB)? Stuur een mail