Medezeggenschap adviseert negatief over bestuurlijke integratie ziekenhuis en universiteit Maastricht
Plannen voor een bestuurlijke integratie van de Universiteit Maastricht en het MUMC+ zijn op weerstand gestuit van meerdere medezeggenschapsorganen. Nadat eerder de universiteitsraad de plannen al afwees, hebben nu ook de faculteitsraad van Health, Medicine and Life sciences en de ondernemingsraad van het MUMC+ dat gedaan. Opvallend is dat die weerstand niet zozeer gericht is tegen nauwere samenwerking zelf, maar tegen de manier waarop deze is uitgewerkt en in hoeverre de werkvloer daarin is meegenomen. Ook de gevolgen voor de medezeggenschapsstructuur spelen een centrale rol.
Onzekerheid over structuur en invloed
In de plannen ontbreekt een duidelijke uitwerking van de toekomstige medezeggenschapsstructuur. Tegelijk wordt een extra bestuurlijke laag geïntroduceerd tussen de bestaande organisaties. Dit roept vragen op over waar besluiten straks worden genomen en op welk niveau medezeggenschap effectief kan plaatsvinden.
Medezeggenschapsraden geven aan dat hierdoor het risico ontstaat dat invloed versnipperd raakt of op afstand komt te staan. Een extra bestuurslaag kan leiden tot meer complexiteit, langere lijnen en minder directe betrokkenheid van medewerkers bij besluitvorming. Dit wordt versterkt als niet vooraf helder is hoe advies- en instemmingsrechten worden geborgd. “Met wie praten we straks precies en waarover? ‘Dat blijft hetzelfde’ is ons eerder gezegd. Maar dat wil je dan wel ergens in de officiële documenten terugzien,” aldus de faculteitsraad van Health, Medicine and Life sciences.
De kritiek richt zich daarmee niet op het doel van samenwerking, maar op de randvoorwaarden waaronder deze plaatsvindt. Zonder duidelijke afspraken over governance en medezeggenschap ontstaat onzekerheid, die het draagvlak onder medewerkers en hun vertegenwoordigers ondermijnt.
Samenwerking vraagt om heldere governance
Deze casus laat zien dat samenwerking tussen organisaties meer vraagt dan inhoudelijke afstemming. Juist de inrichting van zeggenschap en medezeggenschap is bepalend voor het succes.
Wanneer nieuwe structuren ontstaan, moet expliciet worden gemaakt:
- waar besluiten worden genomen;
- welke rol medezeggenschapsorganen daarbij hebben;
- hoe rechten uit de WOR worden toegepast.
Het ontbreken van deze duidelijkheid leidt niet alleen tot vertraging, maar kan ook leiden tot formele afwijzing van plannen, zoals in dit geval.
Betekenis voor de OR
Samenwerkings- en fusietrajecten brengen vaak nieuwe governance-structuren met zich mee, terwijl de medezeggenschap nog is ingericht op de bestaande organisatie. De kernvraag is dan niet alleen wat er verandert, maar ook hoe de OR zijn rol kan blijven vervullen. Daarbij gaat het om invloed, informatiepositie en het moment van betrokkenheid.
- Meer lezen over deze casus en achterliggende discussie? Lees hier en hier de artikelen uit universiteitsblad Observant.
- Sparren over de rol van de OR bij samenwerking of fusie? Neem contact op.
- Juridische vragen over medezeggenschap en governance bij samenwerkingen? Neem contact op.
