Geheimhouding hoeft niet opgeheven

De ondernemingsraad van een havenbedrijf wil dat de door de directie opgelegde geheimhouding wordt opgeheven. De geheimhouding maakt het raadplegen van de achterban over de reorganisatie onmogelijk. Daarnaast wil de OR dat er garanties worden afgegeven voor het af te sluiten sociaal plan. Omdat de ondernemingsraad geen van de eisen ingewilligd krijgt stapt de raad naar de Ondernemingskamer (OK).

Als het bedrijf moet reorganiseren wordt de OR daarover om advies gevraagd. Over dit voorgenomen besluit wordt aan de ondernemingsraad geheimhouding opgelegd. De OR heeft ook de voorwaarde gesteld dat de aandeelhouders een garantieverklaring moeten afgeven voor de financiering van het sociaal plan dat op grond van de cao is afgesproken. De aandeelhouders weigeren die garantstelling en de directie volhard in de opgelegde geheimhouding. De ondernemingsraad geeft vervolgens een negatief advies met het gedoe over de geheimhouding en het ontbreken van een garantstelling voor het sociaal plan als kernpunten.

Oordeel Ondernemingskamer

De OK vindt dat het raadplegen van de achterban door de ondernemingsraad een wezenlijk onderdeel van de OR-taak vormt. Maar het recht op achterbanoverleg is niet onbeperkt, de bestuurder heeft – op grond van artikel 20 van de WOR – de mogelijkheid om geheimhouding op te leggen en kan blijven vasthouden aan deze opgelegde geheimhouding als daar goede redenen voor zijn. In dit geval verwachtte de directie onrust onder het personeel als door de achterbanraadpleging de collega’s zouden ontdekken dat ze hun baan zouden kwijtraken. De directie wilde die informatie zelf aan de werknemers verstrekken nadat – na het OR-advies -een zorgvuldig besluit genomen was.
De OK was ook duidelijk over de door de OR gevraagde garantstelling voor de financiering van het Sociaal Plan. Het feit dat er geen garantstelling gegeven is maakt niet dat het besluit over de reorganisatie onzorgvuldig genomen is. De OR wordt op beide punten in het ongelijk gesteld.  

Commentaar

Bijzonder in deze uitspraak van de OK is dat wat er over de geheimhouding is overwogen. Volgens de SER is de angst voor onrust onder het personeel geen zwaarwegend argument om geheimhouding op te leggen en/of te handhaven. In 2014 heeft de SER een aanbeveling gedaan over de geheimhouding., Die zou eerder uitzondering dan regel moeten zijn. Toch oordeelt de OK dat in dit geval de geheimhouding terecht is opgelegd en gehandhaafd. Dat heeft enerzijds te maken met het feit dat door een personeelsbijeenkomst door de OR al snel duidelijk zou worden welke banen en personen getroffen worden door de maatregelen. Anderzijds door de tijdsvolgorde die uit het Sociaal Plan komt.
Ook voor de gevraagde garantstelling door de aandeelhouders oordeelt de OK anders. Ze zijn wettelijk niet verplicht om zich garant te stellen, behalve als er eerder toezeggingen gedaan zijn of de verwachting is gewekt dat er t.z.t. wel bijgepast zal worden.


  • Zelf de aanbeveling van de SER over geheimhouding lezen? Klik hier
  • Zelf de uitspraak van de Ondernemingskamer lezen? Klik hier
  • Als ondernemingsraad aan de slag met een reorganisatie-advies? Stuur een e-mail

2 reacties

  1. 1accommodation op 21 juni 2022 om 23:21

    3tourists



  2. 2memoirs op 4 juli 2022 om 20:56

    3portico