De coronaperkikelen doen bijna vergeten dat er ook nog een Brexit aanstaande is. Op 31-12-2020 loopt de overgangsperiode af in de ontvlechting van het Verenigd Koninkrijk (VK) en de Europese Unie (EU). Er wordt nog volop onderhandeld, maar de uitkomst daarvan is ongewis. Bedrijven doen er dan ook goed aan om voorbereid te zijn op meerdere scenario’s, en ondernemingsraden doen er verstandig aan om met de bestuurder die scenario’s te bespreken.

Schadepost van 4,8 miljard euro

Als een akkoord uitblijft zal er een harde Brexit volgen. Inmiddels is al uitgerekend dat die voor de exportsector een schade van 4,8 miljard euro zal opleveren. Bij zo’n no deal-Brexit gaat de complete export naar het VK op de schop. Het Europese vrije verkeer van goederen en personen (single market) geldt dan niet meer voor het VK. Er zijn dan nieuwe afspraken nodig voor weg-, lucht- en zeetransport. En dat levert ook verstoring op voor de toeleveringsketens, inclusief de administratieve hindernissen, hogere transportkosten en tijdverlies.

Denken in scenario’s

Bedrijven die direct of indirect met het VK te maken hebben (en dat geldt zowel voor de im- als de export) doen er goed na maatregelen te treffen om de schade zoveel mogelijk te beperken.

Bij een harde Brexit zal het fysiek transport hard geraakt worden, omdat alle producten formeel ingeklaard moeten worden. Dat levert opstoppingen op voor het vracht- en ferryverkeer. Er zijn heel wat bedrijven die extra opslagmogelijkheden gehuurd hebben om de klanten in het VK toch te kunnen bedienen. Maar als er wel een akkoord komt, dan zullen de gevolgen van de Brexit vooralsnog mee kunnen vallen.

Onder druk wordt alles vloeibaar

Op de onderhandelingen komt – naar mate de tijd vordert – steeds meer druk te staan. Zowel voor de VK als de EU zijn de belangen om tot een regeling te komen groot. De (tijds)druk die ontstaat kan helpen om alsnog tot overeenstemming te komen, maar een garantie daarvoor is er niet.

Wat kan de OR doen?

Minister Sigrid Kaag van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat hebben de ondernemers opgeroepen om zich op de Brexit voor te bereiden en dat zou ook voor de ondernemingsraden in die ondernemingen van toepassing moeten zijn. In ieder geval kan de ondernemingsraad met de bestuurder inventariseren welke de gevolgen een harde Brexit voor de onderneming zijn. En die gaan niet alleen over wat er vanuit de onderneming als gereed product of halffabricaat naar de VK gaat, maar ook de afhankelijkheid voor de voortgang van de eigen productie als er geen onderdelen uit de VK beschikbaar zijn. Bespreek vervolgens welke maatregelen getroffen kunnen worden voor de verschillende scenario’s en voer die uit. Er zal een tweesporenstrategie nodig zijn om de schade zoveel als mogelijk te beperken.