Skip to content
Home / Arbo / Naleving arboregels bij meerderheid bedrijven niet op orde

Naleving arboregels bij meerderheid bedrijven niet op orde

Het naleven van de arboregels door de bedrijven in Nederland moet stukken beter. Uit het onderzoek ‘Arbo in bedrijf’ dat Inspectie SZW heeft uitgevoerd leeft een meerderheid van de bedrijven de regels niet of onvoldoende na. Het gaat wel iets beter met de naleving, maar het is nog steeds niet wat wettelijk nageleefd moet worden. Het onderzoek is voer voor elke ondernemingsraad die de arbeidsomstandigheden serieus neemt.

Het onderzoek van Inspectie SZW in 2018 had betrekking op de preventiemedewerker, de bedrijfshulpverlening, de overeenkomst met een arbodienst en de inventarisatie van de risico’s (RI&E) voor werknemers hadden. Maar één op de drie bedrijven had deze zaken op orde. Dat is al wel iets verbeterd t.o.v. het onderzoek in 2016, toen voldeed maar 27% van de bedrijven aan al deze verplichtingen uit de Arbowet.

Risico-inventarisatie en -evaluatie

Uit het onderzoek blijkt dat bijna de helft van de bedrijven een Risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) heeft uitgevoerd. Dat is iets meer dan de 45 procent uit het onderzoek in 2016. Omgerekend naar het aantal werknemers in het bedrijf met een RI&E komt de teller op 80 procent van de werknemers die in een onderneming met een RI&E werkt. De kwaliteit van de RI&E’s is nog lang niet op orde; maar 30 procent van de bedrijven hebben de daadwerkelijk belangrijke risico’s geïnventariseerd.
Inhoudelijk schort er in veel gevallen het nodige aan de RI&E, zo wordt in maar 14 procent van de RI&E’s aandacht besteed aan de risico’s voor zwangere vrouwen en in 29 procent aan de arbeidsrisico’s voor jongeren. Beide categorieën van werknemers zijn verplicht als onderdeel voor elke RI&E.

Plan van aanpak

Op grond van de geïnventariseerde risico’s moet een plan van aanpak worden gemaakt. Zonder zo’n plan is de RI&E een vooral papierenexercitie voor in de bureaula. Van de bedrijven met een RI&E heeft 70% ook een plan van aanpak. Dit percentage was in 2012 nog 77% en neemt gestaag af.
Bij 5 op de 6 bedrijven met een plan van aanpak is in het plan aangegeven wanneer de maatregelen doorgevoerd moeten zijn.

Preventiemedewerker

Zo’n 54 procent van de bedrijven heeft een preventiemedewerker. In 2016 was dat nog 43 procent. Voor wat de toerusting voor de preventiemedewerker betreft: volgens het onderzoek zijn deskundigheid en bekwaamheden in 84 procent van de gevallen verkregen door ervaring. Dat betekent dat nog heel wat bedrijven het zonder preventiemedewerker moeten stellen en dat de opleiding voor deze taak ook verbetering behoeft. De OR heeft instemmingsrecht op de benoeming van de preventiemedewerker; dat geld zowel voor de functie-omschrijving als de persoon die voor de taak wordt voorgedragen.

Negen arbeidsrisico’s onderzocht

De onderzoekers hebben negen veel voorkomende arbeidsrisico’s onderzocht. Van elk risico is vastgesteld in welke sectoren deze risico’s voorkomen en hoeveel medewerkers met deze risico’s te maken krijgen in het werk. Zo verrichten werknemers bij 51 procent van de bedrijven beeldschermwerk (2 uur of meer per dag). Dit is een behoorlijke stijging ten opzichte van 2014; toen was dat nog 44 procent. En zo’n 36 procent van de werknemers werkt gedurende 2 uur of meer per dag aan een beeldscherm.

  • Kracht zetten (duwen, trekken, tillen of dragen)
  • Beeldschermwerk
  • Repeterende bewegingen (excl. beeldschermwerk)
  • Ongunstige of statische lichaamshouding
  • Niet-ioniserende straling
  • Werken in besloten ruimten
  • Werken op hoogte
  • Geluid
  • Trillingen

OR en arbeidsomstandigheden

Het rapport vormt een goede aanleiding om eens kritisch naar de naleving van de arboregels in de eigen onderneming te kijken. Daarbij zijn – onder meer – de vragen van belang als:

  • Is er een actuele RI&E?
  • Zijn de bekende arbeidsrisico’s in de RI&E terug te vinden?
  • Voldoet de RI&E aan alle wettelijke vereisten, zoals de aandacht voor speciale groepen van werknemers die meer risico lopen (zwangeren, jongeren, anderstaligen e.d.)
  • Is er een plan van aanpak (PvA) dat op basis van de RI&E is opgesteld?
  • Worden in het PvA voldoende maatregelen getroffen om de belangrijkste risico’s als eerste aan te pakken?
  • Is er een preventiemedewerker en is die voldoende opgeleid om deze taak uit te voeren en zijn er voldoende uren beschikbaar om deze taak uit te voeren?
  • Wordt de arbocatalogus nageleefd en worden voldoende maatregelen getroffen om de bekende arbeidsrisico’s in de branche aan te pakken?
  • Is er een adequaat verzuimbeleid en hoe verloopt de samenwerking met de arbodienstverlener?

De ondernemingsraad heeft instemmingsrecht op de organisatie van de RI&E, het plan van aanpak, het contract met de arbodienst, de benoeming van de preventiemedewerker, PAGO of PMO, verzuimbeleid, re-integratiebeleid, BHV, het medewerkersonderzoek naar de psychosociale arbeidsbelasting. Het betekent dat de OR (en PVT) zich nadrukkelijk met de arbeidsomstandigheden kunnen bemoeien en daar door het instemmingsrecht ook invloed op hebben. Het rapport van SZW laat zien dat er nog heel wat te verbeteren valt.

  • Zelf de samenvatting van het rapport ‘Arbo in bedrijf 2018’ lezen (16 pagina’s)? Klik hier
  • De tabellen het rapport ‘Arbo in bedrijf 2018’ lezen (161 pagina’s)? Klik hier
  • Als ondernemingsraad met het arbobeleid aan de slag? Stuur een mail
Scroll To Top