Kantonrechter geeft geen vervangende instemming

Een werkgever dient een instemmingsverzoek bij de OR in vanwege een nieuwe pensioenuitvoerder/premievaststelling. De OR stemt niet in, zodat de werkgever naar de kantonrechter stapt om daar vervangende instemming te vragen. Maar de kantonrechter gaat daar niet in mee. 
 
De werkgever wil een aanpassing een overgang naar een nieuwe pensioenuitvoerder. Dat heeft te maken met gemaakte pensioenafspraken die alleen nagekomen kunnen worden door bijstorten (zo’n 600 miljoen euro) in de pensioenpot van de pensioenuitvoerder door de werkgever. De werkgever stuurt daarom een instemmingsverzoek naar de ondernemingsraad die daar niet mee in stemt. 
Bij de kantonrechter vangt de werkgever opnieuw bot. De kantonrechter stelt vast dat de huidige pensioenuitvoerder onderdeel vormt van de cao en dus inhoudelijk in de cao geregeld is. 
Als de werkgever van pensioenuitvoerder wil veranderen zal het met de vakorganisaties tot overeenstemming moeten komen.
 
Commentaar
Eens en te meer wordt duidelijk dat het instemmingsrecht van de OR wordt beperkt door de opmerking in artikel 27 – 3e lid. Op regelingen die inhoudelijk in de cao geregeld zijn is het instemmingsrecht van de OR niet van toepassing. Daarnaast wordt ook duidelijk dat het de ondernemer is die verantwoordelijk is voor een juiste instemmingsprocedure. In dit geval had de zaak nooit als instemmingsverzoek aan de OR mogen worden voorgelegd. Ook feit dat de werkgever geprobeerd heeft om het met de OR te regelen in plaats van met de bonden wordt niet door de kantonrechter over het hoofd gezien.
 
  • Zelf de uitspraak van de kantonrechter lezen? Klik hier
  • Als OR aan de slag met het instemmingsrecht? Klik hier
 

1 reactie

  1. 1burmese op 20 juni 2022 om 14:23

    1husbandry