Gaat bedenktermijn in na instemming of handtekening?

Bij het afspreken van een vaststellingsovereenkomst om de arbeidsovereenkomst te beëindigen hoort een bedenktermijn van twee weken. Maar wanneer gaat die termijn in? Na de mondelinge instemming of nadat de handtekening onder de overeenkomst is gezet?
 
De kantonrechter in Rotterdam oordeelde onlangs dat die termijn pas ingaat als er een handtekening onder de overeenkomst is gezet. Een werkgever die via een vaststellingsovereenkomst de arbeidsrelatie met een werknemer wilde beëindigen stelde zo’n overeenkomst op. Tussen het verzenden van de overeenkomst naar de jurist van de werknemer en de ondertekening ervan zaten 8 dagen. Toen de werknemer gebruik maakte van de wettelijke bedenktermijn van twee weken tekende de werkgever bezwaar aan. Die rekende vanaf de dag dat de tekst naar de jurist was verzonden, de werknemer vanaf de dag dat hij getekend had. 
 
De kantonrechter oordeelt dat een beëindigingsovereenkomst moet voldoen aan het schriftelijkheidsvereiste en daar hoort vanzelfsprekend een handtekening bij. Het is – vanuit dat beginsel gezien – niet meer dan logisch dat vanaf de ondertekening de bedenktermijn in werking treedt.
Voor de werknemer in kwestie nam de zaak uiteindelijk een andere wending, want zijn jurist had de werkgever per mail laten weten dat zijn werknemer alsnog instemde met de overeenkomst. De werknemer gaf bij de kantonrechter aan voor die mail geen toestemming te hebben gegeven, maar de die oordeelde dat de werkgever mocht aannemen dat de mail met instemming van de werknemer door de jurist was verstuurd. Een halfjaar na het gebruikmaken van de bedenktermijn kan niet opnieuw instemming worden herroepen, zodat de werknemer zijn akkoord dit keer niet kon terugdraaien. De vaststellingsovereenkomst werd door de rechter bekrachtigd.
 
Zelf de uitspraak lezen/ klik hier

1 reactie

  1. 3folklore op 22 juni 2022 om 14:45

    3buttocks