Overtollig is iets anders dan boventallig

Een pedagogisch medewerkster wordt wegens roostertechnische wijzigingen en reorganisatie van kindergroepen als degene met het langste dienstverband overtollig verklaard. De ondernemingsraad heeft criteria opgesteld en die zijn na overleg met de bestuurder door hem vastgesteld. De medewerkster is het niet eens met haar overplaatsing en stapt naar de rechter. Die legt uit dat overtolligheid is anders is dan boventalligheid.
 
De werkneemster doet eerst een poosje de vervanging van een zwangere collega op een andere locatie en komt vervolgens in de flexpoule terecht. Ze verschilt van mening met haar werkgever of ze terecht of onterecht tot overtollige medewerker is verklaard. 
De werkgever werkt met een systeem om tot een optimale afstemming voor de benodigde en aanwezige formatie op een locatie te komen. En als er meer formatie is dan nodig, dan is er sprake van overtolligheid. Om te bepalen welke medewerkers dat precies zijn heeft de ondernemer in overleg met de OR criteria vastgesteld. Er zijn al bijna 100 medewerkers volgens deze criteria voor kortere of langere tijd in de flexpoule aan de slag geweest.
 
De kantonrechter stelt vast dat de werkneemster in haar arbeidsovereenkomst geen afspraken heeft staan over vaste werkuren en vaste locaties en moet daarom instemmen met tijdelijke wijzigingen in werk of standplaats. De rechter stelt ook vast dat de werkgever het recht heeft om het werk zo in te richten met het oog op een goede bedrijfsvoering, zolang daarbij zorgvuldig met de belangen van de werknemers wordt omgegaan.
De werkneemster vindt dat haar boventolligheid – waarbij ze de oudste werkneemster is met het langste dienstverband – in strijd is met het afspiegelingsbeginsel uit de ontslagregels van het UWV. 
De kantonrechter legt uit dat boventalligheid iets anders is dan boventolligheid. Er is hier immers geen sprake van ontslag, maar van een wijziging van standplaats en/of verandering van arbeidsdagen en/of arbeidstijden.
De rechter oordeelt dat de criteria voor de boventolligheid die de ondernemer in overleg met de ondernemingsraad heeft vastgesteld, getuigen van een breed draagvlak voor deze manier van handelen. Weliswaar is de individuele werknemer er niet door gebonden, maar de kantonrechter houdt in dit geval wel rekening met dat aangetoonde draagvlak. De kantonrechter oordeelt ook dat de werkneemster door de plaatsing in de flexpoule geen slechter arbeidspositie heeft gekregen en wijst de vorderingen van de werkneemster af.
 
Zelf de uitspraak lezen? Klik hier
 

1 reactie

  1. 1athlete op 21 juni 2022 om 11:05

    1problem