Aanpassing overgangsregeling transitievergoeding

Minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) komt met een overgangsregeling om negatieve effecten van de transitievergoeding voor sommige sectoren (horeca, recreatie, tuinbouw) op te vangen. Vooral de recreatiesector had aangedrongen op deze maatregelen.
 
Vanaf 1 juli heeft elke werknemer bij gedwongen ontslag recht op een transitievergoeding. Via een formule wordt aan de hand van het aantal dienstjaren en het bruto maandsalaris de hoogte van de vergoeding bepaald.
 
Ketenbepaling in de wet blijkt te ruim
In de Transitiewet wordt de keten van arbeidsovereenkomsten doorbroken na een periode van zes maanden zonder arbeidsovereenkomst. In de oude situatie duurde die periode 3 maanden. Vooral de bedrijven met seizoenwerkers komen daardoor in de problemen omdat ze vergoedingen moeten gaan betalen waarop ze zich niet financieel hebben kunnen voorbereiden.
In het voorstel van de minister wordt in contracten – met een onderbreking korter dan zes maanden – niet verder teruggerekend dan 1 juli 2012. Een uitzondering daarop zijn de contracten waarbij nog de oude regels werden gehanteerd, dus bij onderbrekingen van maximaal drie maanden. 
 
Geen vergoeding als er binnen half jaar weer gewerkt wordt
Een er is geen transitievergoeding noodzakelijk als de werkgever de garantie geeft dat een werknemer binnen een half jaar weer aan het werk kan. Als een tijdelijke werknemer binnen maximaal zes maanden na het aflopen van zijn tijdelijk contract een vast contract bij dezelfde werkgever krijgt dat ingaat op of na 1 juli 2015, dan telt de periode tussen 1 juli 2012 en 1 juli 2015 alleen mee als tijdelijke arbeidsovereenkomsten elkaar hebben opgevolgd met een periode van maximaal drie maanden. De werknemer krijgt in dat geval dan de zekerheid van een vast contract.
 
Meer lezen over de voorstellen om de Transitiewet aan te passen? Klik hier om te downloaden.