Pensioenregelingen op de schop

Vanaf 1 januari 2015 gaat de maximale pensioenopbouw omlaag van 2,15 procent naar 1,875 procent bij een middelloonregeling. Voor het eindloon wordt dit percentage 1,657 procent. Deze verandering zal voor zo’n derde van alle organisaties betekenen dat de pensioenregeling in het bedrijf voor die tijd moet worden aangepast als de huidige pensioenopbouw boven het nieuwe maximum uitkomt.
Ondernemingsraden hebben instemmingsrecht op het wijzigen van een pensioenregeling.
 
Naast een verlaging van de maximale opbouw per jaar stopt de pensioenopbouw voor salarissen boven de € 100.000. Wie meer dan dit bedrag verdient bouw straks over wat hij meer krijgt niet meer automatisch pensioen op. Het percentage van de opbouw gaat omlaag omdat we langer gaan doorwerken en er dus meer jaren beschikbaar zijn om pensioen op te bouwen.
Voor het overgrote deel van de organisaties zijn de vakorganisaties en werkgevers aan zet om in de CAO de benodigde wijzigingen door te voeren. In dat geval heeft de OR geen instemmingsrecht op deze wijzigingen. 
Maar in organisaties waar geen CAO van toepassing is, is de OR aan zet om met de wijzigingen in te stemmen. Lastige materie voor de ondernemingsraad en vaak ook voor de bestuurder. De OR kan een beroep doen op de externe deskundigheid van een onafhankelijke pensioenadviseur (Artikel 16 van de WOR). In veel gevallen is het zinvol om samen met de bestuurder een onafhankelijke adviseur in te huren.  Haast is geboden, want op 1-1-2015 moet de regeling inwerking treden.