Werkgever is na 40 jaar nog steeds aansprakelijk

Als een werknemer de beroepsziekte mesothelioom (longvlieskanker) krijgt stelt zijn echtgenote zijn oud-werkgever daarvoor aansprakelijk. De scheepswerf wijst die aansprakelijkheid af, omdat de werknemer al meer dan veertig jaar uit dienst is en vindt de zaak daarmee verjaard. In een procedure bij het gerechtshof krijgt de weduwe toch gelijk.

De werknemer is in de periode 1959-1967 in dienst bij de scheepswerf en werkt in die periode veelvuldig met asbest en wordt blootgesteld aan asbeststof. In 2007 is bij deze werknemer longvlieskanker vastgesteld. Zijn echtgenote stelt de werkgever aansprakelijk voor de schade, hij heeft immers een zorgplicht om werknemers tegen schadelijke stoffen te beschermen. De werkgever beroept zich op het verlopen van de verjaringstermijn voor het indienen van deze claims.
Opmerkelijk is dat beide partijen zich beroepen op een zaak bij de Hoge Raad uit 2000 waarin dezelfde werkgever ook partij was in een geschil. 
In dit geval meent de rechtbank dat er van verjaring geen sprake is. De werkgever beschikt door de uitspraak van de Hoge Raad in 2000 over relevantie informatie uit het verleden en de werknemer – toe hij nog in leven was – is tijdens het voorlopig getuigen verhoor zelf gehoord.
Daarnaast oordeelt de rechter dat de werf te kort geschoten is in zijn zorgplicht jegens de werknemer. In de periode dat de werknemer bij de werf werkte was al bekend dat blootstelling aan asbeststof de ziekte asbestose kan veroorzaken. De werkgever heeft te weinig gedaan om blootstelling te verminderen en wordt – ook al was dat toen nog niet bekend – verantwoordelijk gehouden voor het ontstaan van mesothelioom. 
De rechter bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en kent de weduwe een schadevergoeding toe. Over de precieze hoogte ervan wordt nog verder geprocedeerd.
 
Zelf de uitspraak lezen? Klik hier